In een ouder bericht hadden we het al over de beslissing van het Hof van Justitie dat een Duitse parketmagistraat onvoldoende onafhankelijk is om een Europees aanhoudingsbevel uit te vaardigen. Recent nog besliste het Hof in dezelfde zin met betrekking tot de Nederlandse officier van Justitie (HvJ 24 november 2020, zaak C-510/19).

Centraal in de redenering van het Hof van Justitie daarbij staat dat de toestemming voor een Europees aanhoudingsbevel niet kan worden verleend door een autoriteit die in het kader van de uitoefening van haar beslissingsbevoegdheid een individuele instructie kan ontvangen van de uitvoerende macht. Daarom zijn parketmagistraten van sommige landen onvoldoende onafhankelijk (zoals Duitsland en Nederland), maar van sommig andere landen wel (zie wat Litouwen betreft, Hof van Justitie 27 mei 2019, zaak C-509/18).

Volledig artikel en bron: Joachim Meese - Meese advocaat